Blow-Up


Saskia heeft een eigen drukkerij en in haar vrije tijd maakt zij foto’s in de natuur. Dat laatste doet zij met regelmaat in de nachtelijke uren vanuit een uitkijkpost in het bos. Op een van die nachten is zij getuige van een verkeersongeluk waarbij de dader het nog amper levende slachtoffer om het leven probeert te brengen en vlucht. Met haar laatste beetje zelfbeheersing maakt Saskia foto’s van het gruwelijke voorval én van de dader. Wat is Saskia van plan met haar opnamen?

De volgende dag wordt het, nog amper levende, slachtoffer gevonden en rechercheur Maud Gelderman en haar team krijgen de zaak toebedeeld. Lange tijd lijken er geen aanknopingspunten. Totdat….

“Ze staarden zwijgzaam naar de foto’s. Ze zagen de bestuurder en de auto, en de jonge vrouw in de grasberm. Nu konden ze haar wat beter zien. Ze was doorweekt en bebloed. Ze zag er jong uit. Wat verderop lag de zakdoek.”

Het verhaal wordt vanuit wisselend perspectief verteld. Voor het overgrote deel speelt het zich af in het heden, maar zo nu en dan blikt de auteur terug naar eerdere gebeurtenissen. De diverse, overigens sterk gekarakteriseerde personages, komen om beurten over het voetlicht.

“Hoe? Iemand had hem dus gezien? Hij legde een hand op zijn klamme voorhoofd. Allerlei gedachten flitsten door zijn hoofd. De film van die avond, de aanrijding…hij concentreerde zich en zocht zijn geheugen af.”

Het is al direct duidelijk wie de dader is, maar dat heeft weinig of geen invloed op de spanningsboog. Die bestaat voornamelijk uit de vraag of de dader al dan niet in de kraag wordt gevat en of Saskia haar snode plannen weet uit te voeren. Plannen waar haar vriend Ruben overigens geen deel aan wenst te hebben.

Aebi hanteert een prettige en vlotte schrijfstijl en overgiet haar verhaal met een fijn vleugje Vlaams. De wisselende lengte van de hoofdstukken zorgen voor vaart en de tekstbeleving van de auteur is goed. Zo nu en dan stuitte ik op een zinsopbouw of woord dat ik niet kon duiden, maar dat kan te maken hebben met het Vlaamse taalgebruik.

“Ze liep helemaal rood aan en hief haar arm met het mes omhoog. Aslan maakte gebruik van haar uitzinnigheid. Hij kon zich overeind duwen en greep haar arm vast. Hij klopte met haar pols enkele keren tegen de rand van het bureau, waardoor het mes uit haar hand viel.”

Mijn enige kritische kanttekening is gelegen in het feit dat de plotselinge liefde tussen twee personages, die weliswaar bijrollen vervullen in het verhaal, maar toch, voor mij te onwaarschijnlijk is en bovendien uit het niets lijkt te verschijnen. Deze wending in het verhaal was voor mij verre van waarschijnlijk.

Kortom, geen hoogvlieger, maar wel een plezierig, eigentijds misdaadverhaal.

Over de auteur
Aebi (1959) is afkomstig uit Wemmel en woonde jarenlang in Merchtem en Londerzeel. Inmiddels heeft de auteur zich teruggetrokken aan de Schelde in Temse.

Aebi werkte 26 jaar als manager van de juwelenafdeling bij de firma Rodania, het horlogebedrijf dat door haar Zwitserse vader in België werd opgericht en uitgebouwd. In het boek ‘Swiss Made’ (maart 2008) tekende ze zijn levensverhaal op. Tijdens het werken aan deze biografie ontdekte ze haar schrijftalent en -plezier. ‘Blow-Up’ is haar achtste fictieboek sindsdien.

Uitvoering
Uitgever Manteau
ISBN 9789022332474
Paperback, 304 pagina’s

Over Hanneke Tinor-Centi
Hanneke Tinor-Centi (1960), eigenaar van HT-C Communicatie en Marketing, literair agent en boekrecensent.
http://ht-c-communicatie.nl/

 

Laat commentaar achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *