Het lied van Hanna 1


Afbeeldingsresultaat voor het lied van hanna

‘Het lied van Hanna’ speelt zich af in de zomer van 1990. Het feit dat er een groep Amerikaanse archeologen zal arriveren, laat de bewoners van een landelijke nederzetting in Israël, niet onberoerd en de spanningen lopen op.

“Bij zijn eerste reis waren de flosjkes hem zelf niet eens opgevallen. Pas in het vliegtuig, bij de persoon die naast hem zat, had hij er geïnteresseerd naar gekeken. Ruben had hij geheten. Midden twintig was hij en op doorreis uit de Verenigde Staten. Hij had het hem uitgelegd.”

Landau volgt een zestal personen die allemaal –direct of indirect- betrokken zijn bij de opgravingen in Israël. De auteur ziet kans op bijna prozaïsche wijze de verhalen van zijn hoofdpersonen te vertellen. Zijn taalgebruik is van hoog niveau, maar ook zijn verhaaltechniek is goed.

“Zo waren ze onttrokken aan het oog van de mensheid. Gedumpt in vergetelheid. Kost en inwoning heette het: het land om te overnachten en de zee om in te vissen. Wat het voor de mensen had mogen betekenen, had hij aan den lijve ondervonden. Maar de strook land vereffende de rekening, de factuur werd ‘voor voldaan’ terzijde geschoven en definitief geklasseerd. Europa had zijn plicht gedaan.”

‘Het lied van Hanna’ bevat de verhalen van achtereenvolgens archeoloog Jason, Doron Arnani, die secretaris is van de mosjav, over Chaim Hirsch, rabbijn en fel tegenstander van de opgravingen.  Maar ook van onderzoeksleider Mike Cohen en Asher, de kleinzoon van Doron en zijn eerste liefde. Tenslotte krijgt de lezer Hanna gepresenteerd. Hanna was de vrouw van Doron.  De groepsverkrachting en steniging die zij onderging, beschrijft de auteur bijzonder waarheidsgetrouw en indrukwekkend.

“Ik voel me hier thuis, anders maar toch thuis. Als ik Palestijnen hoor dan denk ik: ze hebben gelijk! Dan hoor ik jullie verhaal en kan niet anders dan denken: ja, ze hebben gelijk! Maar als het er echt op aankomt, blijf ik voor de beide culturen de vreemdeling, de ajnabi, de goj en ja! Ook daar ben ik trots op: de vreemdeling die thuis is in beide culturen.”

Wat opvalt is dat Landau weinig gebruik maakt van dialogen. Doorgaans maken die een boek levendiger, maar dat voelt in ‘Het lied van Hanna’ nauwelijks als een gemis. Wellicht is dat te danken aan het feit dat de auteur zijn boek doorspekt met tal van interessante feiten. Zijn kennis over riten en religie is overduidelijk groot en te danken aan het feit dat hij veertien jaar lang zelf als archeoloog in Israël heeft gewerkt.

“Hij zou een steen op haar graf leggen, iedere keer als hij naar Jeruzalem zou komen. Hij zou haar naam prevelen als hij tegen zichzelf praatte. Hij zou… ‘Dood zijn, Hanna. Hoe lang is dat?’ Hij luisterde maar kreeg geen antwoord op de vraag die hij zichzelf stelde. ‘Dood zijn… Is dat voor … altijd?’

Landau heeft zijn boek opgedeeld in een zestal verhalen. Elk verhaal heeft zijn eigen hoofdpersoon, kunstig aaneen geweven tot één boek. ‘Het lied van Hanna’. Prachtig!

Over de auteur

Landau (Varsenare 1962) was van 1984 tot 1998 actief als archeoloog in Israël. Hij nam er deel aan verschillende opgravingen en is auteur van een groot aantal wetenschappelijke publicaties. Daarnaast houdt hij zich actief bezig met het kunsthistorisch verleden uit eigen land. Eerder publiceerde hij de dichtbundel Gemengde Verzen (1990) en het korte verhaal The Red Carnation is actually Blue, waarmee hij in 1986 een eervolle vermelding behaalde tijdens een schrijfwedstrijd in Jeruzalem. Daarnaast schreef hij toneelstukken voor klassikaal gebruik. ‘Het Lied van Hanna’ is het eerste deel van zijn Israëltrilogie en zijn literair debuut in Vlaanderen.

Uitvoering

Uitgever aquaZZ

ISBN: 9789491897856

Paperback, 134 pagina’s

 

Over Hanneke Tinor-Centi

Hanneke Tinor-Centi (1960), eigenaar van HT-C Communicatie en Marketing en boekrecensent.

http://ht-c-communicatie.nl/


Laat commentaar achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Een gedachte over “Het lied van Hanna